Op 10 juni 2014 heeft het Hof een belangenafweging gemaakt tussen verhuurder en huurster bij de renovatie van een bedrijfsruimte. Verhuurder huurt al 16 jaar een pand in de Kalverstraat te Amsterdam aan huurster. Met het oog op een grote renovatie heeft de verhuurder de huurovereenkomst opgezegd wegens dringend eigen gebruik.

Uit verschillende rapporten blijkt dat er steeds meer behoefte is aan steeds grotere winkels in de Kalverstraat. Met een grote renovatie wil verhuurder het winkeloppervlakte uitbreiden en de uitstraling veranderen, om aan de behoefte te kunnen voldoen. Door deze renovatie zal de huurprijs aanzienlijk hoger worden. De huurster van het winkelpand heeft geen belangstelling voor het gerenoveerde pand en wil de hogere huurprijs niet betalen. Bovendien heeft huurster in de Kalverstraat en Nieuwendijk dezelfde vestigingen geëxploiteerd. Zij stelt echter dat meerdere vestigingen in de Kalverstraat vanuit commercieel oogpunt zinvol is.

Het Hof oordeelt dat bij de beëindiging van de huur de belangen van de verhuurder zwaarder wegen dan die van de huurster. Als gebleken is dat de huurster investeringen heeft gedaan in het pand die nog niet terugverdiend zijn kan dit haar beschermen, maar dat is in het onderhavige geval niet aan de orde. Het Hof stelt dat huurster niet voor haar verkoopstrategie afhankelijk is van de vestiging in de Kalverstraat, omdat zij reeds daar en in de Nieuwendijk eenzelfde vestiging heeft. Niet gesteld is dat huurster het omzetverlies niet elders kan terugwinnen en de reden dat de vestiging voor haar rendabel is door de hoge omzet in relatie met de lage huur, is op zichzelf geen belang dat zwaarder zou wegen dan het belang van de verhuurder om een zo hoog mogelijk rendement uit zijn investering te halen. Het Hof gaat mee met de groeiende belangstelling voor een grotere winkelruimte en acht aannemelijk dat verhuurder na de renovatie een hoger rendement kan halen en een hogere huurprijs kan vragen. De grote renovatie kan niet plaatsvinden met huurster in het pand en huurster wil de verhoogde huurprijs (na de renovatie) niet betalen. Het Hof oordeelt dat het belang van de verhuurder bij de renovatie zwaarder weegt dan die van huurster en acht de beëindiging van de huurovereenkomst gerechtvaardigd.